Masterproef: ambtenaar 2.0 – een kwalitatief onderzoek naar de rol van web 2.0 voor de overheid

6 09 2011

Het is even stil geweest op mijn blog, maar ik had er wel een zeer goede reden voor: my masterpiece aan de vub, de masterproef!

Een korte samenvatting geef ik hier, het volledige werk kun je downloaden via http://www.paywithatweet.com/pay/?id=d69ae5390ce8699ecc73e613c710af95 of via de bottom aan de rechterzijde. Heb je geen twitter en/of Facebook account? Laat even je gegevens achter en ik stuur je de PDF!

Veel leesplezier!
                 

De sociale netwerksites kennen een groot succes in de samenleving. Dat bleek recent nog toen Mashable News bekend maakte dat er twee weken na de lancering van Google+ reeds meer dan 18 miljoen accounts werden aangemaakt. De consumenten van vandaag zijn niet meer de consumenten die ze ooit geweest zijn. Ze willen actief mee creëren en meer dan ooit willen ze dat er naar hen geluisterd wordt. Heel wat marketeers hebben dat begrepen en hebben de sociale netwerksites volledig omarmd en ingezet in hun communicatiemix. Ze kunnen niet anders want de machten zijn gewijzigd. Waar vroeger de grootste macht over de inhoud bij het bedrijf zelf lag, is die macht nu verschoven naar de consumenten.

Maar wat betekenen de begrippen web2.0, sociale media en overheidscommunicatie? En misschien nog belangrijker wat betekenen deze begrippen voor de overheid? Heel wat initiatieven worden her en der genomen, maar het lijkt erop dat de meeste overheidsdiensten toch nog wat op zoek zijn naar de invulling van die sociale media.

In dit onderzoek werd nagegaan welke betekenis sociale netwerksites kunnen hebben voor de overheid. Enerzijds werd gekeken naar de perceptie van de burger op sociale media en overheidscommunicatie, anderzijds werd nagegaan of het gebruik van sociale netwerksites door de overheid gevolgen heeft voor haar relatie met de burger.

Via een literatuurstudie wordt een overzicht gegeven van de verschillende aspecten waarmee rekening gehouden moet worden wanneer je hebt het over overheidscommunicatie en sociale media. Aan de hand van een kwalitatief onderzoek wordt vervolgens gepeild hoe de Y-generatie het percipieert indien de overheid sociale netwerksites zou inschakelen voor haar communicatie. De Y-generatie wordt in dit onderzoek gedefinieerd als zijnde leeftijdsgroep geboren tussen 1973 en 2003. Het onderzoek werd afgenomen aan de hand van 26 diepte-interviews waarin de respondenten hun visie gaven over overheidscommunicatie, sociale netwerksites, overheid 2.0 en de impact van een overheid 2.0 op burger, overheid en de relatie tussen beiden.

Het onderzoek biedt onder meer verschillende interessante inzichten over hoe de Y-generatie staat ten opzichte van de overheidsdiensten in het algemeen. Deze perceptie is ondanks de cliché beelden die er rond ontstaan vrij positief. Ze benadrukken dat er extra aandacht mag besteed worden aan het werk van de verschillende overheidsdiensten die ten tijde van crisis de boel draaiende houden. Jongeren zien zich als een zéér belangrijke doelgroep wanneer het op overheidscommunicatie aankomt. Ze  stellen dat het slechte imago van de overheid nog niet vastgeroest zit bij hen en dat de overheid alles in het werk zou moeten stellen om deze generatie te laten zien dat een overheid innovatief, transparant, dynamisch,… uit de hoek kan komen.  Daarenboven zijn zij het toekomstige publiek van de overheid. De Y-generatie heeft nog een hele levenscyclus voor zich liggen, waar alle diensten van de overheid van pas kunnen komen.

De Y-generatie is opgegroeid met het begrip van sociale media en ze kan zich geen leven meer voorstellen zonder sociale netwerksites. Het feit dat meer en meer bedrijven sociale netwerksites gaan inschakelen, vindt ze positief al moeten bedrijven wel opletten dat het niet teveel om publiciteit mag draaien. Dit geldt eveneens voor de overheid.  De overheid kan via de sociale media vooral een gezicht krijgen waardoor de contacten nog beter kunnen verlopen. Het is belangrijk voor de Y-generatie dat ze niet enkel in contact komt te staan met de organisatie, maar ook met de ambtenaren achter de schermen. Ze is ervan overtuigd dat hier heel wat mensen met passie en ambitie zitten, een type ambtenaar dat de overheid een heel ander beeld kan geven, dan het beeld van de grijze muis achter zijn computerscherm.

De vraag is niet of de overheid sociale netwerksites moet gebruiken in haar communicatie, maar wel wanneer ze dit gaan doen. Voor de Y-generatie is het duidelijk, ze moeten nu op die kar springen of het is te laat. Ze moeten dit niet doen om mee te gaan met de hype, maar wel omdat interactie met de burger belangrijk is. Sociale media bieden daar een uitstekend platform voor en bovendien bieden ze de overheid de kans om beter te weten waar de burger mee bezig is en waar de burger van wakker ligt.

Het gebruik van sociale netwerksites door de overheid heeft gevolgen voor de overheid, de burger en de relatie tussen beiden. Zo zal de overheid haar werkstructuur moeten herbekijken. Er moeten personen worden aangesteld die de tijd, het budget en het vertrouwen krijgen om met sociale media bezig te zijn. Bovendien is het belangrijk dat de integratie van sociale media gedragen wordt door de hele organisatie, dit kan een mentaliteitsshift met zich meebrengen. De overheid moet er voor openstaan en moet willen luisteren naar wat de burger haar te vertellen heeft. Enkel op deze manier kunnen sociale netwerksites hun nut bewijzen. De burger gaat op een andere manier met de overheid omgaan. Informatie wordt hem niet enkel meer van bovenuit toegegooid, maar hij gaat in interactie kunnen treden met de overheid.

Dit zal een impact hebben op het imago van de overheid. De overheid kan tonen dat ze wel dynamisch en innovatief zijn en dat ze niet meer de grote Uncle Sam is die staat te zwaaien met het vingertje.  De samenleving is veranderd en het is nu aan de overheid om te beslissen of zij mee wilt veranderen. Hoe het imago van de overheid verandert zal afhangen van de manier waarop de overheid met de sociale netwerksites omgaat. Als dit niet op een doordachte manier gebeurt, met de nodige aandacht voor elementen die in dit document worden aangehaald, dan kan het imago van de overheid zelfs verslechteren en dan wordt de kloof tussen overheid en generatie Y enkel groter.

Advertenties